4.11.2 Wijzigingspijlen

In de map 00_symbolen\00_tags\ zit een wijzigingspijl en deze heet 00_3B_wijzigingspijl.rfa. Zoals de map al aanduidt is dit een Tag en reageert hij alleen op revisiewolken. Dit is een methode om te kiezen, omdat het wijzigingsnummer ook terug kan komen op de sheet. De Tag is verschaalbaar en de revisiewolk is uit te zetten.

Als eerste moeten er revisiewolken wolken in een zicht geplaatst worden waar de wijziging betrekking op heeft. Vervolgens kunnen de Tags erbij geplaatst worden. In de Sheet Issues/Revisions manager kan aangegeven worden wat op de plattegrond getoond moet worden.

  1. Numbering -> Hoe de wijzigingsaanduiding benoemd wordt, numeriek of alfabetisch. Als gekozen wordt voor alfabetisch, dan kunnen hier instellingen gedaan worden voor bij het onderdeel Alphabetic Sequence. Standaard staat ingesteld dat de letters met een hoofdletter worden aangegeven, zoals in de eerste afbeelding te zien is. Deze kan aangepast worden zoals de 2e afbeelding, e.e.a. is afhankelijk van de persoonlijk wensen.
       
  2. Date -> Hier kan een datum opgegeven worden. Dit kan gebruikt worden als controle voor de gebruiker zelf en dit kan ook in de sheet zichtbaar worden gemaakt.
  3. Description -> Omschrijving van de wijziging opgeven. Dit kan gebruikt worden voor controle voor de gebruiker zelf, maar kan ook in de sheet zichtbaar worden gemaakt.
  4. Issued -> Wijziging is afgehandeld. Dit kan gebruikt worden voor controle voor de gebruiker zelf, maar dit kan ook in de sheet zichtbaar worden gemaakt.
  5. Issued to -> Door wie de wijziging opgegeven is. Dit kan gebruikt worden voor controle voor de gebruiker zelf, maar dit kan ook in de sheet zichtbaar worden gemaakt.
  6. Issued by -> Door wie de wijziging is verwerkt in het project. Dit kan gebruikt worden voor controle voor de gebruiker zelf, maar dit kan ook in de sheet zichtbaar worden gemaakt.
  7. Show -> Dit is een belangrijk onderdeel, omdat hiermee ingesteld kan worden of de wolk zichtbaar moet zijn of alleen de Tag. Er kan daar ook aangegeven worden dat geen van beide zichtbaar moet zijn. Dit zou handig kunnen zijn wanneer op de sheet alleen tekstueel een wijziging aangegeven hoeft te worden.

Als er een tweede wijzigingsronde is en de eerste moet wel bewaard blijven maar niet zichtbaar, is dit snel te regelen in de Sheet Issues/Revions manager. Er moet een nieuwe regel toegevoegd worden en bij Show moet de tweede regel ingesteld worden op Tag. De eerste regel moet bij Show ingesteld worden op None. Dan zijn de Tags en wolken niet meer zichtbaar.

   

Vervolgens kan er een wolk getekend worden, maar voordat er op Finish Cloud wordt geklikt moet er gekozen worden voor Revision Cloud Properties. Hier kan ingesteld worden dat het om de tweede wijziging gaat. Indien er bij Show in de manager None staat, dan kunnen de wolken niet meer geselecteerd worden. Staat Show op Tag dan kunnen de wolken nog geselecteerd worden en alsnog van wijzigingstype veranderd worden. Als de wolken gereed zijn kunnen de Tags weer toegevoegd worden. Er kan ook gekozen worden om de wijzigingen in de Sheet Issues/Revions manager bij Show op het laatst de eerste wijziging uit te zetten. Nadat een wolk geplaatst is kan deze ook veranderd worden van type door te selecteren en op de Option Bar de juiste wijziging te kiezen.

Er kunnen geen wolken geselecteerd worden die bij een type horen (in dit voorbeeld Seg. 1) waarbij Show op None staat.
Als de Tag geroteerd moet staan, moet er voor een ander type gekozen worden. Selecteer de Tag en in de Type Selector kan voor een andere rotatie gekozen worden.

Als de wijziging code terug moet komen met opschrijving, dan moet de Family van het kader aangepast worden en moet er een revisieschema toegevoegd worden. Zie de kaders van ICN voor een voorbeeld.